Druk op "Enter" om naar de inhoud te gaan

Klein succes voor de Grieken

[192] Aan het waaien was op de vierde dag een eind gekomen. De mensen die overdag op de landtongen van Euboia de wacht hielden,[1] renden de dag onmiddellijk na het opsteken van de storm van de hellingen en brachten de Grieken op de hoogte van de gebeurtenissen rond de schipbreuk. Toen zij daarvan hoorden, richtten zij gebeden tot Poseidon als hun redder en brachten hem plengoffers, waarna zij in allerijl terugkeerden naar Artemision. De hoop was bij hen gewekt dat het aantal schepen dat het tegen hen kon opnemen, niet groot meer zou zijn. Zij gingen voor de tweede keer naar Artemision en stelden zich met hun schepen verdekt op. Sindsdien gebruiken zij nog steeds de bijnaam ‘redder’ voor Poseidon.

Ankerplaats voor de vloot

[193] Nu de wind was gaan liggen en de zee tot rust was gekomen, trokken de Perzen hun schepen in zee en voeren vlak langs de kust. Zij passeerden de zuidelijkste punt van Magnesia en voeren direct de baai in die op Pagasai[2] uitkomt. In die baai van Magnesia heb je een plek, waar volgens zeggen Herakles is achtergelaten, nadat hij door Iason en zijn makkers vanuit de Argo eropuit was gestuurd om water te halen, toen zij in hun jacht op het gulden vlies met hun schip op weg waren naar Aia in Kolchis.[3] Zij waren van plan om vandaaruit de zee op te zeilen, wanneer zij water hadden ingeslagen, en naar aanleiding daarvan kreeg de plek de naam Afetai.[4] Dit werd dus de ankerplaats voor Xerxes’ vloot.

Misrekening

[194] Vijftien schepen daarvan waren, toen zij weer de zee opvoeren, ver achteropgeraakt en het toeval wilde dat zij zicht kregen op de schepen van de Grieken bij Artemision. De Perzen dachten blijkbaar dat het hun eigen schepen waren, en voeren recht in de armen van de vijanden.

Een leven (voor even) gespaard

Hun commandant was Sandokes, zoon van Thamasios, gouverneur uit Kyme in de Aiolis. Dit was de man, een van de koninklijke rechters, die koning Dareios eerder had laten oppakken en aan een paal rijgen. Dat was om de volgende reden: Sandokes had tegen betaling een vals vonnis uitgesproken.[5] Terwijl de man al aan de paal hing, bedacht Dareios zich en vond dat hij voor het koninklijk huis meer goede dingen had gedaan dan vergissingen begaan. Deze kijk op de zaak en het besef dat hij te voortvarend en niet wijs genoeg had gehandeld, brachten Dareios ertoe de man vrij te laten.

Zo kwam het dat hij uit handen van Dareios bleef en niet werd terechtgesteld, maar het overleefde. Nu hij echter met zijn schepen tussen de Grieken was terechtgekomen, zou hij niet voor een tweede keer aan de dood ontsnappen. Toen de Grieken zagen dat zij hen tegemoet kwamen varen, begrepen zij welke vergissing zij maakten, voeren op hen af en rekenden hen zonder problemen in.

Vlootcommandanten opgepakt

[195] Op een van de schepen voer Aridolis en deze tiran van Alabanda in Karië werd gevangengenomen. Op een ander schip voer als commandant Penthylos van Pafos, zoon van Demonoös. Hij voerde twaalf schepen aan uit Pafos, maar toen hij door de storm die bij Sepias opstak, elf daarvan was kwijtgeraakt, voer hij op het enige overgebleven schip naar Artemision en werd opgepakt. Na hen te hebben ondervraagd over de zaken die zij over het leger van Xerxes wilden weten, lieten zij hen, geboeid en wel,[6] wegvoeren naar de Isthmos van Korinthe.


[1] Zie hfdst. 183.

[2] Grofweg het huidige Volos.

[3] Stad en gebied aan de westkust van huidig Georgië.

[4] Dat wil zoveel zeggen als ‘vertrekpunt (naar zee)’ of ‘lanceerplaats’ (Gr. Ἄφεται).

[5] Een vergelijkbaar verhaal wordt verteld over koninklijk rechter Sisamnes; deze ontsprong zijn straf echter niet en werd levend gevild (zie boek 5, hfdst. 25).

[6] Het is aannemelijk dat alleen de twee commandanten in veilige bewaring werden afgevoerd om als gijzelaar te dienen.