Druk op "Enter" om naar de inhoud te gaan

Xerxes’ manschappen

(1 van 4 pagina’s)

Onderwerpen op andere pagina’s:
Baktriërs, Saken, Indiërs e.a.Libiërs, Paflagonen e.a.nog meer volksstammen

[61] Hier volgt een beschrijving van de manschappen die aan de veldtocht deelnamen.[1]

Perzen

Perzen droegen het volgende tenue: op het hoofd een flodderige muts die zij ‘tiara’ noemen, over het lichaam een bontgekleurd hemd met lange mouwen en ijzeren schubben die hen op vissen lieten lijken, om de benen een broek; zij hadden geen schilden, maar gevlochten schermen waaraan pijlkokers hingen; de lansen die zij hadden waren kort, de bogen langwerpig, de pijlen van riet; verder lieten zij dolken vanuit de gordel langs het rechter dijbeen hangen.[2] Tot hun aanvoerder was Otanes benoemd, de vader van Amestris, echtgenote van Xerxes.

Vroeger werden zij door de Grieken ‘Kefenes’ genoemd, door de Perzen zelf en hun buurvolkeren ‘Artaiërs’. Toen Perseus, zoon van Danaë en Zeus, bij Kefeus kwam, zoon van Belos, en zijn dochter Andromeda tot vrouw kreeg, schonk deze hem een zoon die hij de naam Perses gaf, maar bij haar achterliet.[3] Laat nou net Kefeus geen mannelijke nakomelingen hebben. Naar dat kind zijn de Perzen vernoemd.

Meden

[62] De Meden namen in dezelfde uitrusting deel aan de veldtocht. Die uitrusting is namelijk van Medische oorsprong, niet Perzisch. Tot aanvoerder van de Meden was Tigranes benoemd, uit het huis van de Achaimeniden. Vroeger werden zij door iedereen ‘Ariërs’ genoemd, maar toen Medeia van Kolchis uit Athene bij die Ariërs was neergestreken, veranderden ook zij van naam. Het zijn de Meden die deze versie over zichzelf vertellen.

Kissiërs en Hyrkaniërs

De Kissiërs die aan de veldtocht deelnamen, hadden dezelfde uitrusting als de Perzen, alleen droegen zij geen mutsen, maar tulbands. Hun aanvoerder was Anafes, zoon van Otanes. De Hyrkaniërs hadden dezelfde bepakking als de Perzen; tot hun aanvoerder was benoemd Megapanos, die later gouverneur van Babylon is geworden.

Assyriërs

[63] De Assyriërs die aan de veldtocht deelnamen, droegen op hun hoofd een helm van brons, op atypische wijze gekronkeld, zoals wij dat in Griekenland niet kennen. De schilden, lansen en dolken die zij hadden, leken op die van de Egyptenaren; verder droegen zij houten knuppels met ijzeren knoppen en pantsers van linnen. De Grieken noemen hen ‘Syriërs’, maar bij de buitenlanders heten zij ‘Assyriërs’. Tussen hen in liepen Chaldeeërs.[4] Hun aanvoerder was Otaspes, zoon van Artachaiës.


[1] Vele van de hierna genoemde etniciteiten worden ook in boek 3, hfdst. 91 e.v., genoemd, waar na de troonsbestijging van koning Dareios de Perzische satrapieën worden beschreven.

[2] Geen zinloos detail, want de Grieken droegen hun zwaarden links.

[3] Zowel in boek 1, hfdst. 7, als in boek 6, hfdst. 54, geeft de schrijver telkens een andere genealogie van het Perzische volk.

[4] Deze groep wordt verder niet beschreven; vermoedelijk is de brontekst hier lacuneus.

Pagina's: 1 2 3 4