Druk op "Enter" om naar de inhoud te gaan

Varia

(pagina 2 van 6)

Onderwerpen op de andere pagina’s:
Herodotos, wie was hij?vertalingenlinksalgemene literatuurliteratuurverwijzingen op deze site

Bronnen uit de oudheid

Drie auteurs uit de klassieke oudheid hebben het uitgebreid over Herodotos. Daar is de brief van Dionysios van Halikarnassos aan Pompeius Geminus, dan de monografie die Ploutarchos aan Herodotos wijdde en ten derde een redevoering van Loukianos van Samosata.

Dionysios van Halikarnassos

Deze schrijver (60 vóór Christus – 7 na Christus) geeft ons géén informatie over het leven en de persoon van Herodotos. We maken in zijn brief aan Pompeius Geminus (πρὸς Πομπήιον Γέμινον ἐπιστὀλη) kennis met zijn opvattingen over Herodotos als schrijver. Hiermee reageert hij op een verzoek om zijn bespiegelingen te geven over Herodotos en andere geschiedschrijvers.

Wanneer hij hem met Thoukydides vergelijkt, heeft de eerste een onderwerp gekozen dat breder en hoogstaander is. “Dat heeft Herodotos volgens mij beter gedaan dan Thoukydides”, τοῦτο Ἡρόδοτος κρεῖττόν μοι δοκεῖ πεποιηκέναι Θουκυδίδου. (Pomp. 3.2-3). In de Historiën heb je een duidelijk begin en een duidelijke einde (Pomp. 3.8) en zijn hoofdzaken goed onderscheiden van bijzaken (Pomp. 3.11). Ook op die punten scoort Thoukydides minder dan zijn voorganger.

Het zijn beschouwingen van retorische en stilistische aard. Over het leven en de persoon van Herodotos worden wij niet wijzer.

Ploutarchos

Ploutarchos (46 – miss. 120 na Christus) schreef De kwaadaardigheid van Herodotos, Περὶ τῆς Ἡροδότου κακoηθείας (Lat. de Herodoti malignitate). Het is een lang essay over de vooringenomenheid van de schrijver en de allereerste boekrecensie ooit geschreven. Hij heeft het werk goed gelezen, want vele onderwerpen in de Historiën worden aangehaald om de dubieuze intenties van Herodotos te belichten.

De eerste zin laat aan duidelijkheid niets te wensen over: “De stijl van Herodotos heeft velen misleid”, τοῦ Ἡροδότου πολλοὺς (…) ἡ λέξις ἐξηπάτηκε (Her. Mal. 1). Het betreft eigenlijk één lange tirade tegen onnauwkeurigheid en vooroordelen. Er zijn onderzoekers die suggereren dat de overdreven toon van het essay bewust gekozen is en het een retorische oefening betreft.

Om een voorbeeld te geven, ergens halverwege staat Ploutarchos stil bij de slag bij Marathon. Deze wordt naar zijn smaak door Herodotos voorgesteld als een gevecht en een prestatie van geen bijzondere omvang, οὐδ᾽ ἀγών (…) οὐδ᾽ ἔργον (…) τοσοῦτον, maar als een schermutseling, πρόσκρουμα βραχὺ (Her. Mal. 27). Verderop beticht hij hem ervan de Thebanen in een kwaad daglicht te stellen vanwege hun opstelling tijdens de slag bij Thermopylai. De schrijver zou hierdoor met de waarheid aan de haal zijn gegaan (lett. “verdansen”) en verklaren dat het “Herodotos een rotzorg zal wezen”, εἰπεῖν ἂν ἐξορχούμενος τὴν ἀλήθειαν οὐ φροντὶς Ἡροδότῷ (Her. Mal. 33). De woorden zijn een duidelijke verwijzing naar het “verdansen” door Hippokleides, zoon van Teisandros, van zijn kansen op een huwelijk (zie boek 6, hfdst. 129).

Ook hier zijn het beschouwingen van retorische en stilistische aard. Over het leven en de persoon van Herodotos worden wij evenmin wijzer. Overigens heeft D.F.W. van Lennep (De humor van Herodotus, in: Hermeneus, jaargang 40, nr. 3, febr. 1969, pp. 123 e.v.) erop gewezen dat Ploutarchos juist door zijn kritische opmerkingen een verzameling geeft van de ‘gekste passages’ uit het werk van de schrijver. Dit voor de liefhebber.

Loukianos

Van Loukianos van Samosata (120-180 na Christus) hebben we een (niet volledig overgeleverde) redevoering Herodotos of Aëtion, Ἡρόδοτος ἢ Ἀετίων (Lat. Herodotus sive Aëtion). Direct in het begin (hfdst. 1) merkt hij op dat Herodotos zorgvuldig heeft gewerkt aan zijn naamsbekendheid. Deze passage geeft de lezer wél enig inzicht in de persoon en zijn werkwijze.

Tijdens een lezing vergelijkt de schrijver zichzelf met Herodotos die uit eigen werk voorlas,[5] maar een tournee langs steden als Athene, Korinthe, Argos en Sparta te omslachtig en tijdrovend vond. Herodotos zag echter zijn kans schoon tijdens de Olympische Spelen, waar hij aandacht van zijn toehoorders vroeg en daarbij het moment “had afgewacht dat het publiek voltallig was, dat bestond uit hooggeplaatsten die uiteindelijk van heinde en verre bijeen waren gekomen”, πληθοῦσαν τηρήσας τὴν πανήγυριν, ἁπαντάχοθεν ἤδη τῶν ἀρίστων συνειλεγμένων (ibidem). Het duurde niet lang of álle Grieken kenden zijn naam.

Pater historiae

Dan is er nog die beroemde en alom geciteerde uitspraak van redenaar Marcus Tullius Cicero die hem “vader van de geschiedschrijving”, pater historiae, noemt. Het is niet meer dan een terloops gegeven kwalificatie, een epitheton ornans zonder nadere uitleg, want hij zegt niet meer dan dat “er bij Herodotos, vader van de geschiedschrijving, ontelbaar veel verhalen zijn”, apud Herodotum patrem historiae (…) sunt innumerabiles fabulae (De Legibus 1.5).

Aanbevolen literatuur

Over Ploutarchos’ Περὶ τῆς Ἡροδότου κακηθείας (Lat. de Herodoti malignitate) is een artikel verschenen van de hand van Jackson P. Hershbell, Plutarchus and Herodotus, The Beetle and The Rose, in: Rheinisches Museum für Philologie, Neue Folge 136-2 (J.D. Sauerländers Verlag 1993), pp. 143-163.

Een uitgebreide literatuurlijst over deze monografie van Ploutarchos is door de KU Leuven uitgebracht.


[5] Dit is een veronderstelling ingegeven door de verklaring van Thoukydides dat zijn eigen werk “is geschreven om een bezit voor de eeuwigheid te zijn eerder dan een inzending om direct beluisterd te worden” (Hist. 1.22, κτῆμά τε ἐς αἰεὶ μᾶλλον ἤ ἀγώνισμα ἐς τὸ παραχρῆμα ἀκούειν ξύγκειται); over Herodotos als gever van lezingen en de invloeden van orale traditie is uitgebreid geschreven door William A. Johnson, Oral Performance and the Composition of Herodotus’ Histories, in: TLG 1995, pp.229-254.

Pagina's: 1 2 3 4 5 6